Bedrijven zijn verplicht om voor medewerkers een veilige en gezonde werkomgeving te creëren, vooral wanneer zij werkzaam zijn in explosiegevaarlijke gebieden. Onder een explosiegevaarlijk gebied verstaan we een gebied of ruimte waarin gassen, dampen of stof in dusdanige concentraties voorkomen dat ze explosies kunnen veroorzaken. Een explosie ontstaat door de combinatie van 3 elementen (onder bepaalde omstandigheden): 
- zuurstof
- ontstekingsbron
- een brandstof

Vaste stoffen noemen we brandbaar indien deze, in gebruikssituatie, met een vonk ontstoken kunnen worden. Ze bestaan meestal uit zeer kleine deeltjes organische materialen, synthetische materialen en metalen en kunnen bij opwerveling in lucht een ontplofbaar mengsel vormen.

Soorten explosies
1. Gasexplosiegevaar
Vermengd met zuurstof uit de lucht kunnen brandbare gassen in de atmosfeer bij ontsteking ontploffen. Voorwaarde daarvoor is dat het brandbare gas zodanig geconcentreerd is in het gasmengsel dat de waarde ervan tussen de onderste explosiegrens(LEL) en bovenste explosiegrens (UEL) valt. Deze explosiegrenzen zijn voor elke brandbaar gas verschillend.
2. Nevelexplosiegevaar
Bij het verstuiven van vloeistof ontstaan zeer kleine druppeltjes, ofwel nevel. Hoe kleiner de druppeltjes zijn des te meer de nevel zich als een gas gedraagt en vervolgens op een overeenkomstige manier kan ontploffen.
3. Stofexplosiegevaar
Als brandbare vaste stoffen, bestaande uit zeer fijne deeltjes (zoals poeders), zich vermengen met lucht kunnen deze bij opwerveling/opwaaiing een stofwolk vormen die kan ontploffen wanneer deze aangestoken wordt.

Stof (al dan niet in fijne vorm) en zuurstof zijn bij het opzuigen van vaste stoffen altijd aanwezig. Om explosiegevaar te voorkomen zal de kans op ontsteking geëlimineerd moeten worden.


Richtlijnen met betrekking tot explosiegevaar
Om het risico van een explosie te beperken, moet voorkomen worden dat een brandbare stof, zuurstof en een werkzame ontstekingsbron gelijktijdig aanwezig zijn. Indien brandbare stof in lucht vrijkomt, kan een explosie alleen nog voorkomen worden als de ontstekingsbron wordt weggenomen of als deze aangepast wordt zoals uiteengezet in de Europese richtlijn ATEX 114 (2014/34/EU). Deze richtlijn geldt voor apparaten die zich in een explosiegevaarlijke omgeving bevinden én een eigen ontstekingsbron hebben.

In de Europese richtlijn ATEX114 (2014/34/EU) wordt de regelgeving beschreven waaraan apparatuur/machines moeten voldoen zodat hiermee veilig gewerkt kan worden in een explosiegevaarlijke omgeving.
Aan de productie van de apparatuur worden tal van eisen gesteld en na de fabricage moeten de apparaten uitvoerig worden getest waarvan de testresultaten vastgelegd dienen te worden in een rapportage.
De fabrikant is verplicht gedegen technische informatie met betrekking tot de apparatuur te verstrekken. Hierin moet onder anderen een algemene omschrijving van het apparaat opgenomen zijn alsmede een uitleg over de werking van het apparaat en welke veiligheidseisen ervoor gelden. Tevens dient er, afhankelijk van het soort apparatuur, een CE-markering, EU-conformiteitsverklaring of conformiteitsverklaring voor de apparatuur gemaakt te worden.
Aan de hand van deze documentatie moet beoordeeld kunnen worden of het apparaat voldoet aan de gestelde eisen.

Het voorkomen van explosies is te allen tijde beter dan het bestrijden ervan. Daarom zijn preventieve maatregelen erg belangrijk. Explosiegevaarlijke gebieden zijn ingedeeld in zones waarbij een onderscheid gemaakt wordt of het een gas of stof betreft. Daarnaast is de tijdsduur waarin het explosieve gasmengsel of stofwolk in een gebied/ruimte aanwezig is bepalend voor de zone indeling.
Een explosiegevaarlijk gebied kan in de volgende gevarenzones worden ingedeeld:

Zone Omschrijving
0 een explosief gasmengsel is voortdurend of gedurende lange perioden aanwezig
1 kans op aanwezigheid van een explosief gasmengsel onder normaal bedrijf is groot
2 kans op aanwezigheid van een explosief gasmengsel is gering en slechts gedurende korte tijd
20 een explosiegevaarlijke stofwolk is voortdurend of gedurende lange perioden aanwezig
21 kans op aanwezigheid van een explosiegevaarlijke stofwolk onder normaal bedrijf is groot
22 kans op aanwezigheid van een explosiegevaarlijke stofwolk is gering en slechts gedurende korte tijd


Risicobeperkende maatregelen door Ravebo
In het hedendaagse bedrijfsleven worden hoge eisen gesteld aan apparatuur die gebruikt wordt in explosiegevaarlijke gebieden. Ravebo heeft veiligheid hoog in het vaandel staan en ontwikkelt en produceert de Madeko® Alleszuigers zodanig dat er veilig mee gewerkt kan worden in explosiegevaarlijke gebieden (Zone 1/21 en 2/22). Aangezien Madeko Alleszuigers geen ontstekingsbron hebben vallen ze niet onder machinerichtlijn 2014/34/EU.
Het Prüflaboratorium für Explosionsschutz TÜV heeft de explosieveilige Alleszuigers van Ravebo beoordeeld en vrijgegeven voor gebruik in Zone 1/21 en Zone 2/22.

Om de risico’s op stof- of gasexplosies, welke mogelijk kunnen ontstaan door de werking van de Alleszuigers zoveel mogelijk te beperken, heeft Ravebo ten aanzien van de productie van de Alleszuigers de volgende maatregelen genomen:

  • Madeko Alleszuigers hebben geen bewegende delen.
  • Madeko Alleszuigers hebben geen eigen ontstekingsbron waardoor de kans op ontsteking en/of vonkvorming nihil is.
  • De constructie is uit elektrisch geleidende metalen materialen gefabriceerd en met elkaar verbonden. Daardoor kunnen eventuele ontstane elektrische potentiaalverschillen via een aardkabel naar aarde worden afgevoerd.
  • Het opvangreservoir, de aanzuigbuis en filterkorf zijn geproduceerd uit AISI304.
  • Het filtermatriaal is geleidend en met de behuizing verbonden.
  • Elke Madeko Alleszuiger wordt uitvoerig getest en gecontroleerd waarvan de testresultaten worden vastgelegd in een rapportage. Hierbij worden de procedures gevolgd welke vastgelegd zijn in het kwaliteitssysteem van Ravebo, ISO 9001-2008.
  • Madeko Alleszuigers zijn “custom made” en worden na productie voorzien van een typeplaatje met uniek serienummer dat geregistreerd wordt bij Ravebo. Hiermee blijven de specifieke kenmerken van elke Alleszuiger bewaard.
  • Bij aflevering van de Alleszuiger ontvangt de klant een uitgebreide handleiding van het apparaat. Hierin is een beschrijving en de werking van de Alleszuiger opgenomen alsmede een instructie hoe de gebruiker er veilig mee kan werken onder de door Ravebo omschreven omstandigheden.


Voordelen Madeko persluchtgedreven Alleszuiger

  • Elektrisch aangedreven stofzuigers hebben bewegende delen waardoor de kans op een explosie door overhitting aanwezig is. Dit probleem kent een Madeko Alleszuiger niet.
  • Een Madeko Alleszuiger heeft geen bewegende delen waardoor de slijtage minimaal is en het apparaat nagenoeg geen onderhoud nodig heeft.
  • Madeko Alleszuigers kenmerken zich door hun lange levensduur. Daarmee onderscheiden ze zich van elektrisch aangedreven stofzuigers waarvan bekend is dat ze minder lang mee gaan. Dit kan het resultaat zijn van vuil en stof dat achterblijft in de draaiende/bewegende delen.
  • Madeko Alleszuigers kunnen worden gemonteerd op een robuust stevig verrijdbaar onderstel.
Help
RAVEBO gebruikt cookies om deze website gebruiksvriendelijker te maken. Deze cookies hebben uitsluitend functionele, communicatieve of analytische doeleinden. Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met het gebruik van cookies. Voor meer informatie zie ons Cookie Statement.
Ok Weigeren
Selecteer een afdeling:*
Selecteer een afdeling.

Vul een naam in:*
Vul een naam in

Telefoonnummer:
Invalid Input

E-mailadres:*
Invalid Input

Onderwerp:*
Geef u bericht een onderwerp.

Bericht:*
Voer een bericht in.

Security*
Security
RefreshInvalid Input